‘Een typisch Nederlandse spijtbetuiging: geserveerd als een belofte, verpakt in jargon, op een bedje van jurisprudentie’
Taal was voor mensen die uit Indië naar Nederland kwamen de sleutel om snel op te gaan in de Nederlandse maatschappij, zo meent Philip Dröge. Philip Dröge is de auteur van de bestseller Moederstad waarin hij in het moderne Jakarta op zoek gaat naar de sporen van het oude Batavia en van zijn familie.
‘Ik groeide op in een land van geordende waterwegen goed en slecht en de plechtige belofte van nie wieder. Tot geweld uit het verleden tóch als een boemerang terugkwam; uit onverwachte hoek. Wat de Molukse treinkapers deden, was Nederland confronteren met zijn eigen geheugenverlies: we hebben een volk gekleineerd, geparkeerd in noodwoningen en vervolgens simpelweg vergeten, misschien in de hoop dat verwaarlozing zou inkoken tot stilzwijgen. Maar geschiedenis is geen huisdier dat je in de tuin zet tot het ophoudt te janken.
Toen Premier Jetten eerder dit jaar zijn excuses aanbood aan de Molukse gemeenschap, moest ik denken aan de grootste schok van mijn jeugd. De treinkaping bij De Punt was zo goed als in mijn achtertuin. Ik schrok wakker van de straaljagers die over ons dak gierden als vorm van psychologische oorlogsvoering. Ik hoorde het vuren van het kanon dat de kapers aan flarden schoot. Het leek wel oorlog in mijn dorp. Ik herinner me het opgeluchte gevoel bij de mensen om mij heen en de verslaggevers op tv dat het recht had gezegevierd. Natuurlijk nam ik dat over als kind.
Inzicht in de oorzaak van deze geweldsorgie, kwam pas veel later. Na lezen en praten; het begrip dat komt door context. Nederland, dat zichzelf graag ziet als de gids, gastheer en de gulle gever van ontwikkelingshulp, had meegemaakt hoe zijn koloniale mislukking, verpakt en wegbezorgd naar een moeras in Drenthe, was gaan broeien en de trein nam.